KNA Kroniek (1945-1960)

|1921-1930||1930-1942||1945-1960||1960-1980||1980-1998|

1945-1960
KNA in de jaren van de wederopbouw

Vallen en weer opstaan

De oorlogsjaren zijn achter de rug, alle mensen kunnen weer opgelucht ademhalen. Huizen worden herbouwd, het puin wordt opgeruimd en het openbare leven komt weer langzaam op gang, net zoals onze vereniging.

Op 2 november 1945 houdt KNA zijn eerste naoorlogse jaarvergadering. Aan concoursen kan niet meer worden meegedaan doordat de instrumenten in slechte staat verkeren. Dit betekent echter niet dat het stil wordt rond KNA. In het jaarverslag van 1945-1946 schrijft secretaris Maarten Vermeulen: We hebben teveel activiteiten gedaan om allemaal op te noemen, KNA is kort na de oorlog dus alweer een drukke vereniging.

In datzelfde jaar ziet het instrumentenfonds het daglicht. Iedere maand stopt de penningmeester een deel van de contributie in dit fonds zodat de instrumenten in de loop der jaren vervangen kunnen worden.

Toch gaat de wederopbouw niet vanzelf. Kort na de oorlog krijgt KNA een inzinking van het korps, maar de fanfare toetert door. Ondanks dat het ons zeer moeilijk was konden wij ook dit jaar weer de verschillende festiviteiten opluisteren. De moeilijkheid was nog altijd dat wij met te weinig leden zijn om eens goed voor den dag te kunnen komen, schrijft de secretaris in 1947.

Verzwakt

Nog datzelfde jaar vinden de eerste ruilconcerten plaats met Graafstrooms fanfare. Dit blijkt een groot succes waardoor de ruilconcerten vanaf die tijd een regelmatig terugkerend fenomeen worden. Daarnaast speelt KNA regelmatig in de Oranjeweek en geeft ze winteruitvoeringen. Ook geeft de vereniging een serenade bij de thuiskomst van de Indonesië militairen in 1948.

Het is ook in dat jaar dat KNA weer voor het eerst deelneemt aan een concours. Met goed resultaat: een eerste prijs in de vierde afdeling. De glorie is echter van korte duur. Twee jaar later, in 1950, uit secretaris Vermeulen zijn bezorgdheid in het jaarverslag: Ons korps is dusdanig verzwakt dat in het openbaar optreden praktisch niet meer mogelijk is. Als oorzaak hiervan is te noemen ziekte van verschillende leden, minder goede opkomst van de overige leden en het ergste is dat zelfs vier leden als afgeschreven beschouwd kunnen worden.

Toch werd in datzelfde jaar nog een groot feest gegeven ter ere van het 12,5 jarig bestaan na de wederoprichting in 1938. Er werd een muziekfeest georganiseerd waaraan verschillende verenigingen uit de regio deelnamen.

Zonlicht

Rond deze tijd komt er ook weer enig zonlicht de vereniging binnen, nieuwe mensen zijn geïnteresseerd om bij KNA te komen spelen. Met deze toekomstige leden en de nog bestaande oude leden zou het weer mogelijk zijn Kunst Na Arbeid enigszins op peil te brengen. Laat ons hopen dat dit eens waarheid mag worden, schrijft de secretaris.

De daaropvolgende jaren neemt KNA ieder jaar deel aan een concours. Pas in 1957 doet de vereniging dit geheel op eigen kracht, zonder hulpmuzikanten. Ieder jaar behaalt de vereniging in ieder geval een eerste prijs. Het gaat weer goed met KNA.
Om de financiële positie te verbeteren organiseert KNA in 1957 een driedaagse bazaar. Op deze dagen kunnen de mensen allerlei dingen kopen, het Rad van Avontuur wordt gedraaid, kortom: het is een gezellige boel. Secretaris Maarten Vermeulen: Deze bazaar heeft een prachtig batig saldo opgeleverd. Van het geld heeft de vereniging nieuwe instrumenten gekocht.

In 1958 krijgt KNA weer een tegenslag, dirigent Hoon neemt op 2 december ontslag wegens zijn leeftijd. Hij is op dat moment achttien jaar de dirigent van KNA geweest. Hij heeft met KNA vele eerste prijzen op concoursen in de wacht gesleept. Het verhaal doet de ronde dat de eerste tien punten al binnen waren als dirigent Hoon zijn grote zwarte hoed opzette. Op 23 mei 1959 overleed hij.